Naar Belgische grens - Prinses Irene Brigade

Ga naar de inhoud

Naar Belgische grens

De opmars door Frankrijk en België

De opmars door Frankrijk en België

Van St-Rémy-Boscrocourt via Airaines en Brussel naar Beringen
4 – 7 september 1944

Op 3 september 1944 werd Prins Bernhard door de Nederlandse regering aangewezen als bevelhebber der Nederlandse strijdkrachten. De Prinses Irene Brigade bleef echter onder operationeel bevel van de Britse 21ste Legergroep.
Brigadecommandant A.C. de Ruyter van Steveninck wilde graag dat de Brigade als eerste Nederlandse eenheid voet op Nederlandse bodem zou zetten. Daarom diende hij op 4 september 1944 een verzoek in om bij het Britse 2e Leger te worden ingedeeld, dat bestemd was voor de bevrijding van Nederland.
Het verzoek werd ingewilligd. De Brigade kreeg opdracht zich ongeveer 300 kilometer naar Diest in België te verplaatsen. Daar zou zij onder het operationele bevel van de Britse Guards Armoured Division komen en opnieuw aan het front worden ingezet.


De opmars van de Prinses Irene Brigade door Frankrijk en België, van St-Rémy-Boscrocourt naar Beringen, 4–7 september 1944.

Het vertrek uit St-Rémy-Boscrocourt
Op 4 september 1944 begon de grote verplaatsing. De Brigade vertrok 's avonds om 21.00 uur vanuit St-Rémy-Boscrocourt richting Airaines. De tocht werd grotendeels 's nachts afgelegd. Het was aanvankelijk bewolkt en regenachtig. Vanwege de verduistering mocht de verlichting van de voertuigen niet worden gebruikt.
Een brigadist herinnerde zich later:

'Het was een enorme tocht die 's nachts werd afgelegd. Het was eerst bewolkt en het regende. Je kon zo goed als niets zien en de verlichting mocht niet aan. Gelukkig was er later in de nacht weer maanlicht.'

Kort na middernacht bereikte de colonne Airaines, waar de Brigade werd ondergebracht in de zogenaamde Concentration Area.


Origineel routekaartje uitgereikt aan Daan van de Velde van de Recce

In hoog tempo naar België
Na de aankomst in Airaines kwam het bevel om de Brigade onmiddellijk verder te verplaatsen. De route liep via Amiens, Doullens, Arras, Douai en Tournai (Doornik) in de richting van België.
De verplaatsing verliep in een uitzonderlijk hoog tempo. In korte tijd werd een afstand van ongeveer 270 kilometer afgelegd.


Origineel routekaartje uitgereikt aan Daan van de Velde van de Recce

Bij Tournai werd de Frans-Belgische grens gepasseerd. De Brigade was daarmee België binnengetrokken.
Vanaf Tournai liep de route verder via Ath, Enghien en Hal naar Sint-Pieters-Leeuw, ten zuiden van Brussel.
Op de ochtend van 6 september bereikte de Brigade na deze razendsnelle verplaatsing Sint-Pieters-Leeuw. Om ongeveer 10.30 uur was de Brigade op de plaats van bestemming.
Daar ontmoetten de Irenemannen bemanningsleden van Engelse pantserwagens. Deze vertelden vol trots dat zij tijdens een verkenningstocht al even de Nederlandse grens waren overgestoken.
Voor de Nederlandse militairen was dat een bijzondere mededeling. Na jaren van ballingschap kwam hun eigen land nu werkelijk binnen bereik.

De opmars van de geallieerde legers
De tocht van de Prinses Irene Brigade maakte deel uit van een veel groter geallieerd offensief. Begin september 1944 rukten de geallieerde legers vanuit Frankrijk snel België binnen. De Duitse verdediging was op veel plaatsen ingestort en de geallieerden trokken in hoog tempo naar het noorden.

De opmars van de geallieerde legers door België in de eerste dagen van september 1944. De route van de Prinses Irene Brigade maakt deel uit van deze snelle geallieerde opmars.  Bron: onbekend

De Prinses Irene Brigade werd in Sint-Pieters-Leeuw onder het operationele bevel van het XXXe Legerkorps geplaatst. De Brigade kreeg opdracht verder op te rukken in de richting van Beringen, waar zij zou worden ingezet bij de Britse Guards Armoured Division.
De rust was echter van korte duur.

Brussel: een onvergetelijke intocht
Na een rustpauze van enkele uren werd de mars voortgezet. In de loop van 6 september bereikte de Brigade Brussel.
De intocht was totaal anders dan de vermoeiende nachtelijke tocht door Frankrijk. De Brigade werd door een enorme menigte als bevrijders ontvangen. De voertuigen konden slechts langzaam vooruitkomen en werden op sommige plaatsen zelfs door de mensenmassa tot stilstand gebracht.

Een brigadist herinnerde zich:

'Voor het eerst werden ons in het Nederlands pruimen, appels, peren door kindertjes aangeboden.'

Een andere herinnering geeft een beeld van de uitbundige ontvangst:

'In Brussel was het een enorme feeststemming. Overal vlaggen. Bakken met tomaten en fruit werden ons toegeworpen. In Leuven was het nog erger. We konden haast niet door de drommen mensen heenkomen.'

Bloemen, drank, sigaren en fruit werden aan de militairen aangeboden. Voor veel Irenemannen was dit een indrukwekkende ervaring: na jaren van ballingschap reden zij nu door een bevrijd België, steeds dichter naar Nederland.


Door Leuven
Na Brussel trok de Brigade verder in de richting van Leuven. Ook daar werd de Nederlandse Brigade uitbundig ontvangen.

De Prinses Irene Brigade tijdens de doortocht door Leuven, 6 september 1944.

Een brigadist herinnerde zich later:

'In Leuven was het nog erger. We konden haast niet door de drommen mensen heenkomen.'

'Bloemen, drank, sigaren, confetti werden ons door de mooiste en prachtig uitziende Brusselse schonen toegeworpen, namen moesten worden opgeschreven en vele dames waren niet uit de wagens te slaan. Sommige reden zelfs illegaal mee tot ver buiten Leuven.....'

Een andere brigadist vertelde:

'Ik zat in de auto en mijn hoofd werd naar buiten getrokken en mijn wangen platgekust. Overal hoorde je roepen: "Hup Holland" en "Oranje boven".'

De feestelijke ontvangst was overweldigend. Kinderen deelden fruit uit en overal werden bloemen en andere geschenken aangeboden.
Ook vanuit de Leuvense bevolking kwamen bijzondere blijken van waardering. Medewerkers van de Leuvense Philipsfabriek boden de leiding van de Brigade zelfs tien radio's aan. Directeur Plieger ging als 'gedeputeerde te velde' mee en kreeg zelfs een uniform.

Een voertuig van de Prinses Irene Brigade rijdt door Leuven. De bevolking begroet de Nederlandse militairen enthousiast.

Maar de feestelijkheden konden niet lang duren. De Brigade moest verder in de richting van Diest. In het gebied tussen Leuven en Diest waren nog Duitse militairen actief.  Grote delen van Zuid-België waren bevrijd, maar hier en daar waren nog steeds Duitse eenheden en sluipschutters actief.

Dagboekpassages uit deze periode

Terug naar de inhoud